Geschiedenis Vijversburg

Stadhouder Georg Schenk van Toutenburg

Stadhouder Georg Schenk van Toutenburg legt in 1528 een buitenverblijf aan, op de plaats waar nu de twintig stichtingswoningen staan. Hij laat vanaf Leeuwarden een ontsluitingsweg aanleggen naar Slot Toutenburg: de Zwarteweg. Dit slot is afgebroken. Begin 17e eeuw wordt een eenvoudig buitenhuis met omgrachte tuin en singelbeplanting aangelegd ten zuiden van het huidige theehuis in het park. Dit gebeurt in opdracht van Pieter van der Geest. Op de plaats van dit buitenhuis ligt tegenwoordig een vijver.

 

Age Binses Looxma III

In 1808 koopt Age Binses Looxma III – koopman te Leeuwarden – dit buiten. Hij is getrouwd met Anna Pieters. Zijn voorouders waren in de 17e eeuw zilversmeden en regenten in Sneek. Als kooplieden verwierven de Looxma’s in de tweede helft van de 17e en eerste helft van de 18e eeuw macht en aanzien.
Vijversburg was om twee redenen een prima aankoop. Het ligt dicht bij Leeuwarden, waar Looxma woonde en zijn pakhuizen had, en het gaf hem status. In het koopcontract wordt gesproken over ‘een fraaie tuin, grachten en kostelijke tuinen voorzien van vruchtbomen’. Behalve de eikensingel aan de westkant van het landgoed getuigen de lindelaan, de 18e-eeuwse onderbouw van de oranjerie en het stenen tuinhuis aan de weg Leeuwarden-Groningen nog van de formele aanleg.

 

Nicolaas Ypeij en Baudina Looxma

Nicolaas YpeyBaudina Looxma Ypeij
In 1828 trouwt hun enig kind, Baudina Looxma, met Nicolaas Ypeij, arts te Leeuwarden. De familie Ypeij telde veel ambtenaren, politici en intellectuelen: landmeters, hoogleraren en rechters. Het huwelijk van Baudina en Nicolaas betekent een samensmelting van fortuin en intellect.
In 1843 gaat het echtpaar Ypeij-Looxma wonen op Vijversburg. Een jaar later bouwen zij een groot nieuw huis op de plaats van het huidige. De tuin wordt sterk uitgebreid in landschappelijke stijl. Nicolaas, die bekend wordt als de Heer van Swarteweisein, overlijdt in 1869.

 

Age looxma Ypeij
Age Looxma Ypeij

Baudina blijft achter met haar enige zoon Age. In 1890 overlijdt Baudina en in 1892 Age, die ongetrouwd blijft.

 

Stichting Op Toutenburg

In zijn testament, dat begint met de woorden ‘Tot aandenken aan mijne moeder’, wordt onder andere geregeld dat er een stichting Op Toutenburg wordt opgericht die tot taak heeft het park en de villa te onderhouden en hun boerderijen in Tytsjerksteradiel te beheren. Bovendien moest deze stichting een ‘Huis met twintig kamertjes’ bouwen. Dit gaf plaats aan twintig van de meest behoeftige echtparen van de drie nabijgelegen dorpen Tytsjerk, Ryptsjerk en Hurdegaryp. Tegenwoordig worden de woningen verhuurd. De kostbare porseleincollectie van de familie, bestaande uit 50.000 stuks, werd gelegateerd aan de provincie Friesland, waar hij korte tijd in het Fries Museum te zien was. Sinds 2007 is de Ypeijcollectie te bewonderen in museum Princessehof te Leeuwarden.

 

Bestuur bestaat uit drie leden

Het bestuur van Stichting Op Toutenburg bestaat sinds haar oprichting uit drie leden, die moeten wonen in de provincie Friesland. Een van de eerste daden van de nieuwe stichting was het verkleinen van Villa Vijversburg uit kostenoverweging. De oorspronkelijke grootte van de villa is echter te zien aan een maquette uit 1880, die in de villa staat. Een bouwtekening is nooit gevonden. Het park groeide in de twintigste eeuw uit tot een toeristische topattractie van Friesland.

 

Meer informatie

  • Video met informatie over de historie.
  • Over de geschiedenis van beide families is ter gelegenheid van het 100-jarig bestaan van Stichting Op Toutenburg in 1992 een boek geschreven door Goffe Jensma.
    Goffe Jensma, 1992. ‘Tot aandenken aan mijne moeder’. Filantropie en grootgrondbezit te Swarteweisein, 1650 – 1892 – 1992. Uitgegeven ter gelegenheid van het honderdjarig bestaan van de Stichting op Toutenburg te Swarteweisein. Leeuwarden: Fryske Academie, Fryske historyske rige 7, nr 747. Isbn 90-6171-747-7.
  • Toespraak ter gelegenheid van de opening van het Ypeij-kabinet in de Princessehof, 28 januari 2007, door Goffe Jensma.